Chocomousse

Ingrediënten:

  • 6 repen pure chocolade of melk chocolade (150 gram) – melkchocolade geeft een lichtgekleurde mousse
  • 4 eieren
  • 4 eetlepels suiker
  • een snuifje zout
  • Chocoladeschilfers en slagroom voor de garnering

*

Werkwijze:

  • Hak de chocolade fijn en laat smelten samen met de room (au bain marie maar het kan nog beter in een microwave).
  • Roer goed door elkaar tot een glad mengsel en laat koelen tot ongeveer 40 graden.
  • Klop de eierdooiers met 2 eetlepels suiker en een snuifje zout tot een witte ruban (creme) en zet in de koelkast
  • Klop het eiwit met 2 eetlepels suiker tot sneeuw.
  • Meng al kloppend de ruban onder het stijfgeklopt eiwit.
  • Voeg dit alles bij de gesmolten chocolade en meng grondig.
  • Doe de mousse in afzonderlijke coupes.
  • Laat enkele uren opstijven in de koelkast.
  • werk af met een toefje slagroom of bestrooi met chocoladeschilfers.

Groenten eten

Groenten leren eten

Groenten zijn een onmisbaar deel van je dieet en bevatten belangrijke voedingsstoffen zoals vezels, antioxidanten en vitamines. Sommigen hebben een afkeer voor groenten.  Meestal is deze afkeer aangeboren ofwel aangeleerd. Het is afhankelijk van persoon tot persoon. Sommigen haten (bepaalde) groenten door de manier waarop ze geserveerd werden in hun kindertijd, of omdat ze gedwongen werden ze te eten. Anderen hebben te gevoelige smaakpapillen zodat veel voeding te sterk smaakt. Een extra pluspunt is dat je zowel met rauwe als gekookte groenten een mooie schotelgarnituur kunt maken wat dan weer onze smaak positief kan beïnvloeden.

Daarom geef ik hier: tips om toch (meer) groenten te eten

Favorieten

Doe steeds wat groenten bij je favoriete gerechten.

Doe wat extra groenten bij uw spaghettisaus (of beter nog: maak ze vooral helemaal zelf van verse gepureerde tomaten), leg een laagje spinazie tussen lasagne, mix wat wortels door de puree enz… Ook omelet met (tomaat/champignons) of quesillada (broccoli) of een gegrild broodje met kaas en tomaat zijn gemakkelijk aan te vullen met groenten. 

Soep

Soep is de gemakkelijkste manier om  groenten binnen te krijgen. Maak soep zelf, dan bepaal je welke groenten er in kunnen. Koop je toch soep, let dan op het zoutgehalte. Doe eventueel bij deze soepen rauwe of bevroren groenten terwijl je ze aan de kook brengt…

Salades

Maak salades naar jouw eigen smaak met alle groenten die je graag lust. Gebruik ook eens spinazie, worteltjes, aubergine, broccoli, bloemkool, radijsjes of rode bieten.

Rauwe groenten

Rauwe groenten kunnen lekkerder zijn dan gekookt of gestoofd. Ze smaken zachter en de textuur is niet zo melig of glibberig. Rauwe groenten kunnen heerlijk zijn met enkele dipsausjes.

Groentensap

Net als fruitsap biedt ook groentesap is beperkte mate bijkomende vezels en voedingsstoffen. Je kan ze kopen of zelf maken naar jouw smaak.

Eet groenten met plezier

Gegrilde maiskolven, gevulde selderij/paprika/tomaat/courgette: het is een heel andere manier om groenten eten en je beleeft er plezier aan.

Gegrilde groenten

Bij een barbecue worden groenten vaak ‘vergeten’, maar je kan ze perfect grillen. bestrijk ze even met olijfolie of een zelfgemaakte marinade. Grote stukken kunnen zo op de grill, kleinere stukjes kan je best op een brochettestokje spiesen. 

De “geur” van sommige groenten?

Veel groenten met een sterke geur schrikken veel mensen af. We denken aan bloemkool, broccoli, maar ook aan spruitjes en savooikool. Het kan te wijten zijn aan je biologie dat je deze niet lust: sommige mensen worden immers geboren met een zeer sterk ontwikkelde smaakpapillen voor bitter.

Om deze groenten te eten, kook je ze best niet te lang. Wat zout of zuur toevoegen (balsamicoazijn, sojasaus of parmesan) verdoezelt de sterke smaak een beetje. Sommige groenten kunnen ook gecarameliseerd worden.

Leer groenten eten

Om groenten te (leren) eten, moet je ze een kans geven en niet na de eerste smaak al weer uitspuwen. Leer het onderscheid kennen per bereidingswijze (rauw, gekookt, gestoofd, in de wok of in een saus) en leer jezelf welke groenten je het meest lekker vind of welke groenten wat minder. Over het algemeen zijn lichtjes gekookte groenten het meest smaakvol: ze zijn nog knapperig, hebben een aangename kleur en zitten nog vol smaak.

Geen beloning

Goed gedrag wordt normaal gezien beloond, maar die vlieger gaat niet op voor voedsel. Het impliceert immers dat groenten ’slecht’ zouden zijn, omdat je met iets extra over de streep moet worden getrokken om ze toch te eten. Uiteindelijk wordt de beloning het doel, en worden de groenten nooit écht in het hart gesloten. Het is de bedoeling dat je leert aanvaarden dat groenten echt belangrijk zijn bij elke warme maaltijd.

Gratineer

Een supertruc: besprenkel de groenten met wat (vetarme) kaas en leg ze onder de grill. Ook een (lichte!) kaassaus bij de broccoli, bloemkool of witloof kan wonderen doen.

Wees realistisch

Weet dat niet iedereen alles lust. Het is geen reden om enkel tomaten en wortels te eten, en nooit iets anders te proberen, maar je kan jezelf best toestaan bepaalde groenten te vermijden indien echt niet anders kan.

Let op de portie

300 gram groenten (of drie porties) is het minimum per dag. Een tas verse soep geldt als één portie. Wees gul bij het opscheppen of bij het beleggen van een broodje: beter te veel dan te weinig.

Perlagrek (Pain à la grecque – oud Brussels koekjesrecept)

“Pain à la grecque” heeft niets te maken met Griekenland, echter wel met brood. In de 16de eeuw deelden de Brusselse paters Augustijnen, in hun abdij aan de Wolvengracht, brood uit aan de armen. In de Brusselse volksmond werd dat “bruut van de grecht” (grecht = gracht) genoemd. De verfranste benaming “pain à la grecque” werd aan het koekje gegeven door de Franse bezetters. Vele bakkers gebruiken daardoor nu de foutieve benaming “Grieks brood” of “Pain à la grecque”. Daarom is het verbasterde “perlagrek” een betere benaming voor het koekje.

De geschiedenis vertelt niet hoe het zwarte brood van de armen zich omgevormd heeft tot de verfijnde koffiekoekjes perlagrek. Waarschijnlijk door de noeste arbeid van een kreatieve broeder-bakker. In het begin zou perlagrek gemaakt zijn geweest van overschot van stokbroden. Nu nog wordt het in de langwerpige vorm van een barquette (bootje) gebakken en met een zaagmes versneden.

Ingrediënten:

- 500 g bloem (2x 250 gram)

- 3,5 dl melk

- 50 g gist

- 1 ei

Na een rijs van 20 minuten

- 40 g kandijsuiker

- 200 g boter

- een koffielepel zout

- 5 g kaneel

- 8 g kummel

- grove kristalsuiker (granulé)

Bereiding:

- een deeg bereiden met de melk, het ei, de gist en helft van de bloem

- na een rijs van 20 min de overige ingrediënten bijvoegen

- let wel op: de boter moet zacht zijn!!

- het deeg goed taai kneden en op een tochtvrije plaats, afgedekt onder plasticfolie, kort laten rijzen

- het deeg afwegen in porties van ongeveer 130 g

- vingerdikke deegrollen van 50 cm in de grove kristalsuiker rollen

- op beboterde ovenplaten leggen, afdekken met plasticfolie en laten narijzen

- halfweg de narijs de deegrollen afplatten tot ongeveer 4 cm breedte

- de koeken 20 min bakken in een voorverwarmde oven van 180°C

- dadelijk na het bakken het “pain à la grecque” op de plaat omkeren

- versnijden in 4 à 5 gelijke stukken

Bewaren in een koekentrommel

Rijstplakjes – palitaw – filipijns nagerecht

Rijstplakjes met sesamzaad en kokos

Winkelen: Kleefrijstbloem - Gemalen kokos - Sesamzaad - Witte kristalsuiker - Snuifje zout

We nemen ongeveer 200 gram kleefrijstbloem. We doen er wat water bij, een klein snuifje zout en mengen het tot een zachte kneedbare deeg. Dan pletten we het deeg tussen onze handpalmen tot plakjes van ongeveer 6 cm doormeter. Breng water aan de kook en kook de deegplakjes tot ze boven drijven. Haal ze met een schuimspaan uit het kokende water en laat even uitlekken.

Rooster ondertussen twee grote soeplepels sesamzaad in een hete koekenpan tot het zaad licht bruin gaat kleuren. Doe het sesamzaad in een bord en meng het met 100 gram gemalen kokos en twee eetlepels witte suiker.

Wentel de rijsplakjes in het mengsel en dien op.

Pastasaus – echte Italiaanse

Winkelen:

Olijfolie

1 kg rijpe tomaten (romatomaten)

1 bosje verse basilicum

150 gram in blokjes gesneden spek

1 grote ui

1 rode chili peper

3 eetlepels tomatenketchup

3 teentjes knoflook

groentenbouillon

gemalen kaas bij het opdienen (vb Parmezaan)

pasta (penne).

Eventueel voor de garnering: gehakt of gehaktballetjes, stukjes kip, scampi of stukjes vis enz…

*

Voorbereiding:

Ui en knoflook fijnhakken.

De tomaten fijn hakken tot moes.

Chilipeper fijn snijden (zonder de zaadjes)

*

Werkwijze:

De ui en de knoflook aanfruiten in olie. Laat ongeveer 10 minuutjes zachtjes garen.

Doe er de in blokjes gesneden tomaten, de fijngehakte chilipeper (zonder pitjes), ketchup en groentenbouillon bij.

Laat 30 minuten stoven.

Doe er daarna de verse basilicum bij.

Laat nog 5 minuten rusten voor het opdienen.

Meng bij de saus: versgekookte penne of een andere pastasoort. Bestrooi bij het opdienen met gemalen kaas (parmezaan, ementhal, gruyere).

Tip:

Garneer het bord met op voorhand gegaard gehakt of gehaktballetjes, stukje vlees, scampi of vis.

Hazenrug

Ingrediënten:

 

Hazenrug, peper, zout, ananassap, frambozenazijn, knoflook, laurier, citroentijm, veenbessenconfituur, verse veenbessen, porto, room. groentenbouillon.

 

 

Werkwijze:

 

Eerst en vooral gaan we de haas een nachtje marineren in ananassap (mag uit een fles of blik zijn) + wat frambozenazijn + een knoflookteentje + enkele blaadjes laurier en wat citroentijm.

 

Droog ’s anderendaags dehazenrug volledig droog met keukenpapier.

 

Kruid de haas met zout en peper en laat 20 minuten rusten.

 

Verwarm uw oven tot 180 graden.

 

Doe boter in een gewone pan (dus niet antikleef) en verwarm tot ze niet meer schuimt en licht bruin wordt. Bak de haas 2,5 minuut aan beide zijden.

 

Leg de hazenrug in een ovenschotel, dek af met aluminiumfolie en plaats nog 10 à 12 minuten in de hete oven. (het vlees moet nog rozé zijn van binnen)

 

Maak het aanbaksel van de pan los met wat porto, groentenbouillon een eetlepel veenbessenconfituur en wat room.

Laat de saus even inkoken. Proef en breng eventueel nog meer op smaak.

Doe bij de saus net voor het opdienen wat veenbesjes en roer er een klompje boter doorheen.

 

De hazenrug in schijfjes snijden  en naperen met saus alvorens op te dienen.

 

komkommersoep

Ingrediënten:

4 komkommers

1 wit van prei

1 aardappel

1/2 kleine ui 

50 gram boter

groentenbouillon

Peterselie als garnituur

 

Werkwijze:

Fruit een half uitje in de boter.

Snij de komkommers, prei en aardappel in blokjes.

Doe alle groenten bij in de pan en laat nog even aanstoven.  

Overgiet na 5 minuutjes met 2 liter water en breng aan de kook.

Doe er groentenbouillon bij naar smaak en laat nog twintig minuten zachtjes koken.

De soep is klaar. Bestrooi bij het opdienen met verse peterselie om de groene kleur te accentueren.

 

 

Smoutebollen

Ingrediënten:

500 gram bloem

350 cc lauwe melk

1 zakje instant gist

1 theelepel zout

1 eetlepel suiker

1 ei

Olie om te bakken. 

Bloemsuiker als garnituur (+ eventueel wat kaneel)

 

Bereiding:

Meng bloem, gist, suiker en zout door elkaar in een beslagkom.

Maak een  kuiltje in het midden, breek er het ei in en giet er de lauwe melk bij.

Meng met een mixer met deeghaken tot een glad deeg.

Laat het deeg ongeveer 3/4 uur rijzen tot zijn dubbel volume. 

Verhit de olie in een frituurpan tot 175 graden.

Maak bolletjes van het deeg met twee lepels (gedoopt in olie) of een roomijsschepper.

Bak maximum 5 stuks per keer in ongeveer 6 minuten gaar.

Draai af en toe even om zodat ze gelijkmatig een goudgele kleur krijgen. 

Bestrooi bij het opdienen royaal met poedersuiker (eventueel ook met een snuifje kaneel) 

 

 

Pannenkoek – Pannenkoeken met spek

Ingrediënten:

350 cc water – 250 gr bloem  - 1 zakje droge gist - 1 snuifje zout – 5 eieren – 1 eetlepel suiker – olie

Flinterdunne reepjes spek.

Bereiding van het beslag:

Lauw water, bloem, 1 zakje gist, een scheutje olie, een snuifje zout en 1 eetlepel witte suiker mengen in een kom.

Meng er de losgeklopte eieren doorheen. Klop tot een glad deeg. Laat het deeg minstens een half uur rusten.

Bakken:

Neem een koekenpan en giet er een scheutje olie in.

Bedek de bodem van de pan met reepjes spek en laat even bakken.

Giet het beslag in de pan.

Belangrijk: Verdeel het beslag in de pan vanaf de randen, als de randen zijn volgelopen giet dan pas de rest van het deeg in het midden over de spekreepjes. Schud de pan even om het deeg gelijkmatig te verdelen.

Als de bovenkant van de pannenkoek bijna droog is draai om en laat nog even garen.

Spekpannenkoeken kunnen zowel als hoofdgerecht of nagerecht.

Opdienen en Luikse siroop, candy siroop of ahorn siroop. Het kan natuurlijk ook met suiker.

Pannenkoek met appel – appelflensjes

Ingrediënten:

150 cc Melk – 100 gr zelfrijzendebloem – 1 snuifje zout – 2 eieren – 1 appel - witte suiker – olie

Bereiding van het beslag:

Melk, bloem, een snuifje zout en 4 eetlepels witte suiker en een scheutje olie mengen in een kom.

Klop de eieren los en meng ze er doorheen.  Laat het deeg een kwartier rusten.

Gebruik de appel ongeschild. Haal het klokhuis er uit en snijd in dunne ronde schijfjes van ongeveer 3  mm dik.

Bakken:

Neem een koekenpan, bedek de bodem met olie en strooi wat witte suiker in de pan.

Leg drie tot vier appelschijfjes (naargelang de grootte van de pan) in het midden van de koekenpan tegen elkaar.

Laat de appels even bakken. (strooi er eventueel wat kaneel over)

Giet het beslag in de pan.

Belangrijk: Verdeel het beslag in de pan vanaf de randen, als de randen zijn volgelopen giet dan pas de rest van het deeg in het midden en over de appels. Schud de pan even om het deeg gelijkmatig te verdelen.

Strooi wat suiker over het flensje, vooral over de appels.

Let op: De suiker in de pan zal snel karameliseren. Bak op een zeer zacht vuurtje en laat vooral niet verbranden!

Als de bovenkant van het flensje bijna droog is draai het om.

Let op:

Ervaren koks gooien pannekoeken en flenjes omhoog en vangen ze omgekeerd in de pan. Dat kan alleen met ervaring en handigheid. Anderen gebruiken dan weer twee koekenpannen en brengen ze op elkaar om het flensje om te draaien. Je kunt eventueel ook een spatel gebruiken, of schuif het flensje op een omgekeerd (plat) deksel van een pan en draai dit daarna om.

Gekarameliseerde suiker kan zeer heet zijn. Verbrand jezelf niet door suikerspatten.

Normaal hoef je geen extra suiker toe te voegen bij het opdienen. Natuurlijk mag er altijd nog wat suiker bij voor echte zoetebekken.